dinsdag 7 juli 2020

Derde Helft (404)


Terwijl Ron Jans zich afgelopen vrijdag ontspannend pratend aan een statafel opmaakte voor een speciale podcast over het noordelijke amateurvoetbal van het jubilerende VAKO (90), stonden er opeens drie noordelijke supporters supporters van FC Twente voor zijn neus. Ze waren niet met lege handen naar sportpark Fiellietzaz Goethart gekomen. Wat heet: met twee man sterk, vader en zoon Edmond enTijn Varwijk, kwamen ze met een krentenwegge van bijna twee meter aan komen lopen, terwijl de delegatieleider, Bert Westerink, er ook nog een boek van eigen makelij - getiteld Onnodig en onmeunig - bij leverde. Een welkomsgeschenk.

Bert Westerink, zult u zeggen.......? Kennen wij die hier in deze regio niet ergens van? Zeker wel, deze Bert Westerink is tien jaar lang wethouder van onder meer sportzaken geweest in de stad Groningen en later diende hij in deze functie ook havenstad Delfzijl en Winsum. In die tijd was hij regelmatig te vinden in eerst het Oosterpark en later de Euroborg, maar zijn waren hart, bleek enkele karen geleden, ligt toch bij FC Twente. Toen deze club in finacieel hoge nood raakre en als gevolg daarvan degradeerde naar de Keukenkampioendivisie, sloot hij zich als geboren (1957) Enschedeër weer aan bij het rode Tukkerslegioen. Westerink nam als zestigplusser niet alleen een seizoenkaart, maar ging dat jaar van slechte tijden ook mee naar alle uitwedstrijden van Twente. En de bevindingen van deze supportersreizen (hij woont nog altijd in Groningen) heeft hij in een paperback opgeschreven. En Westerink, die nu genomineerd is voor het wethouderschap in de gemeente Smallingerland, weet het zeker; met Ron Jans op de technische bok gaat zijn club weer gloriëren.

In deze podcast, waarin ook schrijver dezes en presentator/sterspeler Patrick Steenbergen van de partij waren, pleitte RTV Drenthe's sportredacteur Niels Dijkhuizen voor weekendvoetbal die de scheiding tussen zaterdag- en zondagvoetbal eindelijk eens moet slechten. De clubs kunnen dan in zijn optiek in onderling overleg besluiten op wat voor dag er gespeeld wordt: de zaterdag, de zondag of desnoods de vrijdagavond. Hij kreeg in elk al geval steun van de leden van het forum.

De superverloting - met als hoofdprijs een bungalow op Lauwersoog - die de Groninger en Drentse jeugdsport aantrekkelijke financiele mogelijkheden kan bieden, wordt momenteel met nogal wat vrijwilligers in de steigers gezet. Het plan is dat de verkoop van de 100.000 loten begin augustus van stapel gaat lopen. Dat vergt een stevige organisatie en om die in goede banen te lopen heeft de initiërende stichting, de John Schokker Foundation, een opvallende statfunctionaris aangetrokken in de persoon van Bas Kammenga. Jawel, de man die onlangs door het in financiële problemen verkerende FC Groningen werd ontslagen als communicatiemedewerker. Kammenga, ook voorzitter van de supportersvereniging van Donar, staat bekend als een iemand die zaken goed kan aansturen en er een nauwgezette werkethiek op na houdt.
Ook een andere bij FC Groningen ontslagen werknemer, voormalig commercieel directeur Robbert Klaver, heeft inmiddels zijn medewerking aan dit ambitieuze project toegezegd. Hij doet dit vanuit zijn nieuwe businessclubfunctie bij de Asser zaterdagclub ACV.

Met een spetterend bruilofsfeest is het huwelijk van Symen Bosma, sinds jaar en dag een gewaardeerd freelancejournalist bij onder meer het Dagblad van het Noorden, en Irma Beukema ingewijd. De festiviteiten op het idyllische landgoed Lemferdinge in Eelde-Paterswolde werden weliswaar door een zich God noemende Pluvius overgoten met grote hoeveelheden regendruppels, maar dat mocht de pret niet drukken. De gasten werden op een gevarieerd programma getracteerd, mede dankzij collega William Pomp (ook Dagblad van het Noorden), die ook als ceremoniemeester naam en faam heeft opgebouwd. Het kersvere echtpaar Bosma-Beukema is overigens al enkele jaren een liefdeskoppel. Dat resulteerde ruim twee jaar geleden in de geboorte van dochter Josephine. We wensen hen nog vele mooie jaren in goede harmonie en vooral gezondheid toe.

Helaas moet ik weer eens besluiten met een triest bericht, het plotselinge overlijden van Dré Woest. Zijn naam zal de jonge lezers niets zeggen, maar Drewe Cornelis Woest, zoals hij bij de burgelijke stand stond ingeschreven, was in zijn jonge jaren een buitengewoon getalenteerde voetballer. Hij werd in de jaren vijftig van de vorige eeuw groot bij GVAV, dat toen nog betaald voetbal speelde.

Dré was - vooral qua techniek - zo goed dat hij werd uitverkoren voor het (toen nog) enige Nederlands jeugdfelftal, waarin talenten van 16 tot 18 jaar speelden. Ploeggenoten van hem waren onder meer Daan Schrijvers, die via NAC en DWS het Grote Oranje bereikte, en ook keeperslegende Tonny van Leeuwen, die toen nog bij Sparta in het doel stond, maar later bij GVAV A-international werd. Ook Dré Woest leek voorbestemd voor dit internationale werk, maar daar is het nooit van gekomen. Toen het volgens vader Woest te lang duurde dat hij van trainer Otto Bonsema zijn  kunsten mocht vertonen bij GVAV 1 in de eredivisie, bracht hij zijn zoon naar Be Quick, destijds spelend in de eerste divisie.

Dat bleek een foute keuze. Weliswaar speelde Woest op de Esserberg, samen met andere talenten als Johan Wieringa, Herman Mengerink en Gerard Oosterloo, best goede wedstrijden, maar de verwachte progressie bleef uit. Dré onthulde recentelijk via Facebookcontact met mij dat hij gewoon op zijn kans had moeten wachten bij GVAV. "Maar ja, mijn vader bemoeide zich nadrukkelijk met mij en als kind had je toen nog weinig te vertellen. Dat zou in deze tijd heel anders zijn gegaan." Weliswaar werd de sierlijke binnenspeler nog gekocht door Heerenveen, waar hij eveneens van waarde was, maar dat speelde toen nog in de tweede divisie. Ook heeft hij bij Velocitas, dat net teruggekeerd was naar de amateurs, nog tal van doelpunten gemaakt.
Hoewel Dré Woest nog volop in het leven stond, kwam daar op zondag 28 juni een abrupt einde aan. Een hartstilstand in zijn Hoogezandster huis werd hem op 78-jarige leeftijd fataal.
Ook een icoon van FC Groningen heeft afscheid van het leven moeten nemen. Hij, Rob de Groot, op 76-jarige leeftijd. Robs verdiensten lagen niet in de Euroborg, maar op Corponello, daar waar de jeugdopleiding van de FC is gevestigd. Hij was er liefst 25 jaar gastheer, tot medio 2017. Samen met zijn vrouw Aukje stond hij garant voor aangename ontvangsten van de gasten op het sportpark in Corpus den Hoorn. De vertegenwoordigers die met hun clubs naar Groningen reisden om tegen een FC-team te spelen, werden door Rob en Aukje overgoten met klassieke gastvrijheid. Dientsdoende scheidsrechters kregen standaard een presentje mee naar huis. Het zat in hun horecabloed. Rob was de zoon van de exploitant van de vroegere concertzaal Apollo aan de Hereweg, waar alle groten uit de Nederlandse kleinkunst wel eens optreden bij bruiloften en partijen. Toen Aukje kennis aan hem kreeg, sloeg dit horecavirus ook op haar over.
Overigens had Rob de Groot niet alleen veel verdiensten voor FC Groningen, ook in de wereld der scheidsrechters - toevallig ook op Corpus zetelend - was hij actief. Hij floot in het amateurvoetbal, was jarenlang ook grensrechter bij Eurovoetbal en deed eveneens allerhande commissiewerkzaamheden voor de scheidsrechtersvereniging Groningen en Omstreken.    

zaterdag 6 juni 2020

Derde Helft, EXTRA EDITIE (403)


Zo juist Bé van der Laan aan de telefoon gehad, de gelauwerde uitbater van het nationaal vermaarde vermaarde sportcafé Havenzicht in de stad Groningen. Hij gaat de zijn tent sluiten. Voor eens en voor altijd. Havenzicht houdt na 150 jaar op te bestaan, het pand aan de Lage der A wordt verbouwd tot woning. Van der Laan: "Ik kreeg een aanbieding tot verkoop die ik, zeker in deze coronatijd, niet kon laten lopen. Er kwam een meneer bij die er zo graag wilde wonen en dat hij me een grote zak met geld bood. Nou ja, ik en ben bijna 81 en dan laat je zo'n bod niet laten lopen. Ik voel me weliswaar nog topfit, maar ik heb ook weer niet het idee dat mij het eeuwige leven is gegund."
Bé van der Laan heeft er 30 jaar achter de bar gestaan. Hij nam de kroeg in 1990 over van oud-topvolleyballer Jan Koster, die er met oud-volleybalinternational Piet Swieter een bruisend sportcafé van had gemaakt. Van heinde en ver maakten, met name zaalsporters, maakten sportclubs, sporters en aanhang kennis met deze bruine kroeg. Zo sloot Mart Smeets in zijn jonge jaren als basketbalverslaggever geen Gronings tripje af zonder in Havenzicht te zijn geweest. Hij zette er mening basketbalboomple op met Grietje Pasma. Maar ook volleyballers van Lycurgus en Donitas zochten er hun Vierde Helft-vertier. Voetbalvolk van clubs als Gruno, GRC, Groen Geel en The Knickerbockers wisten eveneens de weg naar Havenzicht blindelings te vinden. Evenals de tafeltennisbroers Jan en Anne Vlieg, volleybalhotshots als Joop Alberda, Jan Brouwer, Volco de Jong, Georg de Jong, Niko Mensink, Hilbrand Hartlief, Rob BirzaKlaas Gansevoort, Erik Drenth, Betty Timmermans, Josefien Wortelboer, Joke de Boer, Boukje van Diggelen, de zusjes Margreet en Els Naaijer, als ook talloze 'naamloze' sporters en plaatselijke sportjournalisten als primeurjager Jan A. van der Veen, Harry Hesseling en schrijver dezes hebben er aan de bar plaatsgenomen.
Daaraan komt nu dus een definitief einde. Op 5 juli trekt Bé voor het laatst aan de bierkraan. Vanwege de coronacrisis in een beperkte setting. Van der Laan: "Bij mij mogen er momenteel maar twintig klanten naar binnen."
Voor de liefhebbers heeft hij nog wel een aardig relikwie in de aanbieding: het klassieke biljart dat op op van die fraai gedraaide poten staat. Liefhebbers kunnen zich melden. 
Voor hen die bijzondere herinneringen aan Havenzicht hebben,die kunt u in één van mijn volgende kronieken kwijt. 

vrijdag 29 mei 2020

Derde Helft (401)


Met hart en ziel meer dan twintig jaar voor je sportieve liefde werken en dan te horen krijgen dat je overbodig bent geworden. Het overkwam Bas Kammenga onlangs. Hij is door FC Groningen ontslagen vanwege de financiële crisis in de Euroborg. Die klap kwam hard aan bij de man die toch wel als cultuurbewaker kan worden aangemerkt, als communicatiemedewerker ook wist hoe alle hazen liepen in de groenwitte organisatie. Inmiddels heeft hij zich weer opgericht, zo liet hij ons weten via Facebook. Bas: "De volgende seizoenen zal ik als vijfjaarkaarthouder onveranderd op de bovenste rij in Vak A in de Euroborg staan als supporter van de FC."

Bas is ook al weer op zoek gegaan naar nieuwe uitdagingen, het liefst waar communicatie om de hoek komt kijken en bij voorkeur in de noordelijke sportwereld. Als nestor van deze wereld kan ik de heren bestuurders van professionele sportclubs deze Bas Kammenga - hij is trouwens ook voorzitter van de supportersvereniging van Donar - van harte bij u aanbevelen. HIj is iemand die zijn vak verstaat en met intense toewijding zijn werk doet. Bas Kammenga besluit ontslagverhaaltje als volgt: "Met een brede interesse in de verhalen achter sporters en organisaties zal ik - na de zomer - ook een aantal interessante projecten opstarten. Heb je zin om aan te haken of van mijn diensten of expertise gebruik te maken, neem dan contact op via kammenga@home.nl of 06-46075578."

Waar mensen gaan, komen ze ook. Zelfs in crisistijd. Want FC Groningen heeft enkele weken, nog net voor de ontslaggolf, een nieuwe accountmanager in dienst genomen. Een oude bekende en wel Arjan Blaauw, de oud-voetballer die ook bij SC Veendam en FC Emmen op de loonlijst heeft gestaan. 'Blaauwtje' moet meteen flink aan de bak als man die sponsorgelden moet zien binnen te hengelen. Als good lookingman met goede manieren lijkt hij overigens geknipt voor dit werk. Arjan Blaauw, die als 45-jarige tegenwoordig een balletje trapt bij OZW (Oud Zwart Wit) is transfervrij overgekomen van het Canon Business Center.

Het gaat de goede kant met Henk Steenhuis die enkele weken geleden is getroffen door een herseninfarct. De voormalige topscheidsrechter in het amateurvoetbal werkt in het Beatrixoord in Haren hard aan zijn herstel en volgens zijn woordvoerder Klaas Mulder, jarenlang grensrechter van GRC Groningen, zijn er kleine stapjes voorwaarts te melden. Henk is weer op de been en wandelt = ook eindjes zonder vierpoot of wandelstok - dagelijks als training in één van de gangen in het herstellingsoord. Zijn behandelende arts heeft hem verteld dat als het zo goed blijft gaan, hij eind juli wellicht weer naar zijn huis in Bedum kan. Maar dan moet hij zich, aldus Klaas Mulder, wel voldoende zelfstandig kunnen redden. Aan de mentale kracht van Henk Steenhuis zal het niet liggen; die is groot.

Een bijzondere gebeurtenis bij Be Quick 1887 afgelopen week. Er werd vergaderd voor de tribune van het Esserbergstadion. In de openlucht dus. Dat was nodig vanwege alle coronamaatregelen. De ruim tachtig aanwezige leden mochten in de anderhalve meter-opstelling op de overdekte tribune plaatsnemen. Voorzitter Henk Berends had het niet gemakkelijk, want hij moest heel wat hete hangijzers de revue laten passeren. Met name waar het ging om geldzaken.

De nieuw aangetreden penningmeester Ruud Sunder werd gelijk voor de leeuwen geworpen, want de financiën op de Esserberg zijn verre van rooskleurig te noemen. Sunder is de aangewezen slagman om alle geldplooien weer glad te strijken. Zijn cv is er naar. De 40 jaar geleden geboren Holwierder, die vorig jaar met zijn gezin in Haren is neergestreken, is een boerenzoon van het type niet lullen, maar poetsen. Zijn hoofdactiviteit - en ook specialisme - is als interim-manager bedrijven in financieel zwaar weer bijstaan. Ook is hij een aanvullende masterstudie financial control begonnen.
Precies dus wat Be Quick zo hard nodig heeft.

Volgende week - 6 juni - is het overigens precies 100 jaar geleden dat deze zo roemrijke club Nederlands kampioen werd. Die prestatie is nog altijd niet geëvenaard door een noordelijke club en of dat ooit nog zal gebeuren lijkt, gezien de ontwikkelingen in het huidige topvoetbal, een utopie. Hoe dan ook, schrijver dezes leek het een goed idee ter herinnering aan deze Groninger landstitel de geschiedenis van de Groninger sport in al haar facetten eens op schrift te zetten. Van 1920 tot 2020. Dat is inmiddels gebeurd, in boekvorm zelfs. En al zeg ik het zelf, er mag gesproken worden van een rijke historie met een keur aan bijzondere verhalen. Verder ga ik nog niets verklappen. Het boek, getiteld 100 jaar Topsport in Stad, zou ook volgende week (6 juni) in het Groninger Forum ten doop worden gehouden. Maar de coronacrisis heeft dit feestje voor nog onbepaalde tijd uitgesteld. Ik hou u, waarde lezers van deze kroniek, op de hoogte.




zondag 10 mei 2020

Derde Helft (400)


De vierhonderdste (digitale) editie van de Derde Helft zou geknipt moeten zijn voor jubelende teksten, maar helaas, de actualiteit gebiedt mij deze kroniek dit keer te vullen met triest nieuws. Jan Aling is overleden. De oud--wielrenner stierf zaterdag (9 mei) in een Eindhovens ziekenhuis aan de gevolgen van een hartstilstand, drie dagen eerder. Hij mocht slechts 70 jaar worden.

Jan Aling, geboren op 24 juni 1949 in het Noorddrentse dorpje Bunne, behoorde in de beginjaren '70 van de vorige eeuw tot de crème de la crème van het Nederlandse amateurwielrennen. Samen met ook illustere noorderlijke renners als Popke Oosterhof, Frits Schür en de gebroeders Jans en Wiecher Vlot.

Ik heb even voor u in mijn archief zitten spitten en vond een treffend knipsel van 23 mei 1972 uit het Nieuwsblad van het Noorden. Het was een verslag van de Ronde van Eext en dat begon zo: "Het moet voor de organisatoren van wielercriteria een prettig gevoel zijn als Jan Aling zich aan de startstreep meldt. De krachtige Rodenaar tracteert het publiek, als zijn vorm het tenminste toelaat, altijd op een geweldig spektakel. Zo ook pinksterzondag in Eext waar Aling op spectaculaire wijze over het winderige parcours daverde. Daarom was het niet verwonderlijk dat Jan Aling zich na tachtig enerverende kilometers als eerste aan de finish presenteerde. Niemand duldde de eerzuchtige Ketting-coureur in zijn nabijheid."

Niet alleen een rondjes om de kerk liet hij zijn machtige benen spreken, ook in het grote werk was hij een coureur met een vlam in de pijp. Als er iemand de stenen de uit de straat kon fietsen, dan was het Jan Aling wel. Het leverde hem al snel de mooi allitererende bijnaam Beer van Bunne op. Waar de boerenzoon overigens niet blij mee was. Of ik hem niet meer zo wilde noemen in mijn verslagen, was zijn dringende verzoek.

Zijn echte naam verscheen voor het eerst in 1967 aan het nationale wielerfirmament toen hij op circuit van Zandvoort Nederlans kampioen bij de nieuwelingen werd. Zijn talent ontbolsterde vervolgens snel. De ploegbazen van de grote amateurploegen wilden hem er graag bij hebben. Het werd uiteindelijk de fameuze Ketting-brigade, waar hij ploeggenoot werd van toppers als Hennie Kuiper, Frits Schür, Klaas Balk, Piet van Katwijk, Aad van den Hoek en Roy Schuiten.

Jan Aling paste naadloos in deze succesvolle Ketting-ploeg, die de gelijknamige metaalwarenfabriek in Didam veel publiciteit opleverde. De Drent was er zeer succesvol en won veel koersen. Behalve dat hij pedalen kon ranselen, was hij ook een dominante renner in het peloton. Met zijn imponerende wilskracht altijd in de eerste waaier en ook verbaal niet op zijn mondje gevallen. Voor Jan Aling knepen de mindere goden wel eens in de remmen als hij met zijn brede schouders op weg was naar de voorste rijen van het peloton. Op zijn erelijst staan onder meer twee triomftochten in de Omloop van de Kempen - de oudste klassieker van ons land - in 1969 en 1973. In dat laatste jaar won hij ook nog de Ronde van Overijssel.

Een topjaar was ook 1972, toen hij onder meer de Vierstromendelandklassieker won voor de Zeeuwse kleppers Cees Priem en Jan Raas. Ook internationaal liet hij zich gelden met twee etappezeges in de destijds befaamde Engelse Milkrace. Het leverde hem een plaats op in de Olympische selectie voor de Spelen van München. Hij had zijn zinnen toen ook gezet op de Drenstse Dorpenomloop, die gold als een test voor de potentiële Olympiagangers. Aling deed er alles aan om in eigen huis te winnen, maar bleef steken op een derde plaats. Henk Poppe, de sprinter uit Nijverdal, en Arie Hassink bleven hem voor.

Uiteindelijk haalde hij München ook niet. Bondscoach Joop Middelink vond hem te wisselvallig en Adriaan de Schipper, die als KNWU-bobo mee mocht selecteren, vond Aling een renner die 'de boel soms te licht opnam.' Hij miste de ware topsportdiscipline. Dat klopte ook wel, want na de koers mocht Jan Aling er graag eentje nemen.

Drie jaar later werd Jan Aling, die zich in 1972 overigens ook nog Drentse kampioen allroundschaatsen mocht noemen, profrenner. Hij kreeg een contract(je) bij de nieuwe ploeg van Ton Vissers (Alsaver) en verhuisde naar Bladel, waar hij zich voor dit werk een betere uitvalsbasis verschafte. Want toen waren er dagelijks koersen in het nabijgelegen Belgenland. Hoewel hij met zijn natuurlijke dominantie geknipt leek om ook in dit métier te slagen, is hem dat nimmer gelukt. Aling bleef hangen in een cirkel van kleine ploegen in de marge van het profwielrennen, waar de handel en wandel lang niet altijd zuiver op de graat was. Met name de dopingcultuur. Het kwam hem duur te staan, vooral geestelijk. 

Zijn staat van dienst als prof vermeldt een aantal 'kleine zeges', met de Grote Prijs Frans Verbeeck (1978) als blikvanger. Ook zijn hoofdprijs in Tijl's Tour door IJsselmond (1976) mocht er zijn. In deze specialiteit, de klassiekers, bleef het verder bij enkele top-10 klasseringen, zoals in Nokere Koerse (2e), de E3 Prijs Harelbeke (7e), Kuurne-Brussel-Kuurne (8ste) en Parijs-Tours (7e).

Nadat Jan Aling was opgekrabbeld uit een donkere periode in zijn leven, bleef hem de wielersport toch bekoren. Zo was hij jaarlijks vrijwilliger bij de Europese Jeugdtour in Assen. Dan nestelde hij zich met vrouw en caravan een week lang in de Drentse hoofdstad om de internationale wielerjeugd met allerhande hand- en spandiensten bij te staan. Hij was dan wel in de loop der jaren een echte Kempenzoon geworden, zijn Drentse roots lieten hem ook nimmer los.

zondag 26 april 2020

Derde Helft (399)


Derde helft (399)


Krijg je een koninklijke onderscheiding, wordt dat niet - zoals het hoort -  naar buiten gebracht door de gemeente waarin je woonachtig bent. Het overkwam Robert van Dorst uit Eelde, die daardoor nogal wat felicitaties is misgelopen. Als ook een plaatsje in deze rubriek, die rond Koningsdag traditiegetrouw vol wordt gestouwd met gedecoreerden. Daar stond de heer Van Dorst gisteren niet bij. Oorzaak miscommunicatie. Van Dorst zou zijn lintje later krijgen bij zijn afscheid als voorzitter van de scheidsrechtervereniging Groningen en Omstreken. Maar die is uitgesteld en daardoor werd er voor hem te elfder ure alsnog een plaatsje ingeruimd bij de collectieve lintjesregen. De medialijst van de gemeente Tynaarlo haalde hij echter niet meer. Ik werd daarop attent gemaakt door de kersverse ridder in de Orde van Oranje Nassau Jannes Mulder, net als Robert van Dorst lid van de scheidsrechtersvereniging Groningen en Omstreken. Deze club mag zich nu met drie uitverkorenen spekkoper van de meest recente lintjesregen noemen. Behalve Robert van Dorst en Jannes Mulder viel ook John Ten Cate in de majestueuze boter. Van Dorst heeft gedurende 26 jaar de voorzittershamer gehanteerd. In deze periode heeft deze scheidsenclub meer dan ooit fris en fruitig aan de weg getimmerd.

Er kwam nog een lintjestip binnen, die was afkomstig van Willem Molema, de voormalige preses van de scheidsrechtersvereniging Oost-Groningen. Hij miste de naam Roelof Leuning, die lid in de Orde van Oranje Nassau is geworden. De heer Leuning kreeg die onderscheiding voor zijn vele bestuurlijke werk bij de voetbalclub SV Tynaarlo. ''Maar," voegt Willem er nadrukkelijk aan toe, "hij was ook secretaris en voorzitter van de scheidsrechtersvereniging Veendam en Omstreken. Waarvan acte derhalve!

De jaarlijkse lintjesregen kwam dit keer per telefoon. De firma Covid-19, verspreider van een zeer zorgelijk virus, zorgde ervoor dat de dames en heren burgemeesters moesten afzien van hun feestelijke party's ten stad- c.q. gemeentehuize. De koninklijke eer was er niet minder om. Al met al kan worden gezegd at de noordelijke sportsector aardig is bedeeld.

Zo gaat Truus Vlietstra, geboren Julsing, voortaan door het leven met een koninklijk aureool. Zij is voor haar grote verdiensten voor de korfbalvereniging Nic. door koning Willem-Alexander beloond met het lidmaatschap in de Orde van Oranje Nassau. De 74-jarige Truus is bij Nic., waar ze al van kinds af aan op ledenlijst staat, uitgegroeid tot cultuurbewaker en mag zich ook wel Moeder Aller Nic.-ers noemen. Ze heeft als speelster jarenlang het vlaggenschip gediend en daarna alle mogelijke functies bij de club bekleed. Als geen ander staat ze nog altijd pal voor de groenwitte tijgers.

Ook Nanno Kranenborg (70) kreeg zo'n decoratie. Nanno reed ooit als NS-machinist van Intercity's veel op en neer naar de Randstad, maar geniet vooral bekendheid in de voetbalwereld. Hij was vroeger een gevreesd schutter van Gronitas, werd vervolgens trainer en scout en is de laatste jaren de gangmaker van het walking football bij FC Groningen, een spelletje voor veteranen die er nog geen looppas meer uit kunnen persen. Ook is Nanno ambassadeur voor het Groninger Huis voor de Sport.

John ten Cate (79) is eveneens iemand die nogal wat sporen in de voetballerij heeft verdiend. Zo organiseert hij als sinds 1970 - al bijna een halve eeuw dus - het jaarlijkse toernooi voor basisscholen in de stad Groningen. En tot vijf jaar geleden stond hij ook nog te boek als een bekwame scheidsrechter.

Dat was ook Jannes Mulder, die het ridderschap kreeg toebedeeld. Jannes floot jarenlang in de top van het landelijke amateurvoetbal. De laatste jaren is hij, samen met Joop Alt, één van de sympathieke gastheren in de perskamer van FC Groningen. Hij strooit er altijd goed geluimd met bitterballen en belegde broodjes, weet ik uit ervaring. De 70-jarige Jannes doet dit vrijwilligerswerk al sinds 1990. Daarnaast staat hij ook nog altijd aangeschreven als een hondstrouwe Grunoman, de club die dit jaar haar eeuwfeest niet kan vieren vanwege de corona.

Sjoerd Schoonhoven (77) heeft ook gevoetbald, hij bij Velocitas. Als zwoegende spits van Velo 4 leefde hij zich in zijn jonge jaren 's zondagsmorgens uit in dauwtrappen op de Renbaan. Veel beter deed Sjoerd het als bevlogen sportvisser. In deze sector steeg zijn ster gestaag. Niet alleen met het verschalken van allerlei soorten zoetwatervissen, maar vooral ook bestuurlijk. Hij deed dat in diverse Drentse en Groninger gremia, zoals de Kamer voor Binnenvisserij, het visdistrict Hunsingo, hengelclub Onderdendam en als bestuurslid van het waterschap Noorderzijlvest. Tussen al die visbedrijven door zette hij zich ook nog in voor de tennisclub ZNEO in Zuidwolde (Gr). Daarvoor is hij nu koninklijk onderscheiden.

Niebert heeft er sinds vrijdag een Ridder in de Orde van Oranje Nassau bij. Dat is Helen de Koning, die grote verdiensten heeft opgebouwd in de hippische sport. Zo staat te boek als een bekwaam instructeur en dient ze het befaamde CH van Tolbert als gastvrouw en jurylid. Ook is de 54-jarige Niebertse bestuurslid van de Hippische Sportfederatie Groningen en vrijwilliger bij de Stichting Wedstrijdsport Nienoord in Leek.

In Dalen werd Jo Assen (73) verrast met een lintje. Hij is één van de drijvende krachten van het vermaarde Protos-Weering zaalvoetbaltoernooi, dat rond de jaarwisselingen half Drenthe en de bovenkant van Overijssel in de ban houdt. Assen heeft veertien jaar de voorzittershamer gehanteerd. Extra mooi voor Jo was het dat ook zijn 72-jarige vrouw Marietje, geboren Bosman, in de (koninklijke) prijzen viel. Zij overigens niet vanwege sportieve daden, maar voor haar inzet in de geloofsgemeenschap Sint Franciscus in Steenwijksmoer, het woonzorgcentrum Selkersgoorn in Dalen en de lokale Wereldwinkel.

Helaas moet ik deze aflevering besluiten met een slecht bericht. Dat betreft het ziekbed van het Henk Steenhuis, ook al een oud-topscheids in het Nederlandse amateurvoetbal. De Bedumer is recentelijk geveld door een herseninfarct, met als bijkomstigheid symptomen van het coronavirus. Dat laatste gevaar lijkt inmiddels grotendeels te zijn bezworen en de revalidatie is gestart. Als het goed is verhuist Henk vandaag of morgen van het UMCG naar het Harener Beatrixoord voor verdere behandeling. Henk, alle mogelijke sterkte gewenst.

vrijdag 3 april 2020

Derde Helft (398)


In deze sombere tijden kan een trieste tijding vanuit Leek er ook wel bij. Daar is Bert K(oert) van Dwingelen overleden. Bert K., zoals we hem vaak aanspraken, was een graag geziene man in het Westerkwartier en omgeving. Dat had veel te maken met zijn activiteiten als journalist van de Leekster Courant. Hij was, om maar eens wat te noemen, één van de initiatiefnemers van de Westerkwartier-Noordenveld Wielermeerdaagse, samen met onder meer collega Frits Poelman en textielkoning (Snuffel) Gauke Poelman

Van Dwingelen was - zeg maar - de Henri Desgranges (oprichter Tour de France) van het Westerkwartier. Deed Desgranges dat in 1903 ten faveure van zijn sportblad l'Auto, Van Dwingelen deed het in 1982 ter meerdere glorie van de Leekster Courant, waar hij opklom tot hoofdredacteur. Met de sponsoring van een wielerspektakel kreeg de 'Leekster' in hartje zomer extra attentiewaarde. Bovendien kon Leek en omstreken wel wat sportieve reuring gebruiken. Het werd ook een doorslaand succes. De schepping van Van Dwingelen en co. groeide uit tot een sportief kroonjuweel van de streek, net zoals het Leekster Zaalvoetbal Gala.

Nadat hij gepensioneerd was diende hij het wielerfestijn nog enkele jaren als voorzitter. De Leekster Courant werd er trouwens niet mee gered. Die moest eind 1999 het loodje leggen. En nu Bert K. van Dwingelen ook. Hij is 77 jaar geworden.

Ook geen leuk nieuws over John Franke, de oud-wielrenner en tegenwoordig actief in de politiek als lid van de raadsfractie Leefbaar Tynaarlo. Hij heeft vorig week te horen gekregen dat hij longkanker heeft. Maar John is, aldus de behandelende artsen, nog (lang) niet verloren. Inmiddels is er een stevig medisch programma opgestart dat hem moet genezen. De eerste chemokuur zit er op en hij beseft dat er nog zware tijden zullen volgen.

Maar als wielrenner heeft hij veel af moeten zien en daar ziet hij niet tegenop. Integendeel zelfs, hij zit boordevol goesting. Zo is John ook een actie begonnen, getiteld Kankerop! Franke: "Ik doe dit omdat ik zelf zeker vier maanden heb verspeeld doordat mijn huisarts mij niet direct doorverwees. Door mijn mondigheid lukte dat alsnog. Maar helaas in een stadium te laat. Daarom wil ik met mijn actie thoraxbussen door Nederland laten rijden waarin je gratis getest kunt worden. Zo'n bus heb ik dus gemist." Kortom, John Franke vraagt alle mogelijke steun voor zijn actie via zijn Facebook. Beleefd aanbevolen derhalve.

Nic., de gevallen korfbaltrots van Stad en Ommeland, viert eind dit jaar op grootse wijze haar honderdjarig bestaan. Maar het ziet er niet naar uit dat dit gepaard zal gaan met een wederopstanding van het vlaggenschip, dat is afgezakt naar het derde niveau van Nederland. Nu de zaalcompetitie er op zit, gaat weer één van de betere spelers het in hogere sferen proberen. Het betreft Gerben Boonstra, die terugkeert naar LDODK in Gorredijk, dat op het hoogste podium - de Korfbal League - actief is. Boonstra: "Ik heb het bij Nic. prima naar mijn zin gehad. Vanaf het eerste moment heb ik me er thuis gevoeld. Sportief gezien ging het met pieken en dalen, maar op sociaal vlak was het altijd top. Ik wil nu mijn ambitie volgen en kijken waar mijn plafond ligt."

Uit dezelfde arena, het Alfa College, verdwijnt ook Frits van Gestel. Hij houdt het na drie jaar bij de volleyballers van SAMEN.Lycurgus voor gezien. Ook hij keert terug naar één van zijn oude clubs, in dit geval Dynamo Apeldoorn. De geboren Brabander zoekt het daarmee komend seizoen wat dichter bij huis: "Na drie leuke jaren in Groningen verhuis ik komende zomer naar Nijmegen. Van daaruit wil ik het volleybal graag blijven combineren met parttime werken. Dat kan bij Dynamo.’’ Van Gestel (27) fleurde zijn CV bij Lycurgus op met een landskampioenschap, een Beker en een Supercup.

Gelukkig kan ik met goed nieuws deze aflevering besluiten. Hossein Ghanbari blijft bij Lycurgus. De 29-jarige middenman met Iraanse roots heeft voor één seizoen bijgetekend. Privé gaat het ook prima met Ghanbari. Onlangs slaagde hij voor zijn inburgeringscursus en is hij getrouwd met een Hoogezandse. Mijn felicitaties in tweevoud derhalve.

En ook nog even positieve berichten van de Esserberg, de thuishaven van Be Quick 1887. Daar krijgt de toch al hoog gekwalificeerde jeugdopeiding (in 2016 zelfs winnaar van Rinus Michels Award, beste opleiding van Nederland) een nieuwe impuls in de vorm van een onder 23-elftal. Dit team komt te spelen in een nieuw in het leven geroepen, prestigieuze competitie op landelijk niveau. Oud-voorzitter Dick Osinga: "Je moet dit elftal zien als de opvolger van ons ooit zo succevolle tweede elftal in de hoogste reserveklasse. Dat betekent dat onze eerste selectie voor komend seizoen toch wel uit minimaal 34 spelers zal moeten bestaan, want we blijven ook gewoon in de hoofdklasse actief."

Vooralsnog gaan de spelerszaken goed, want deze week hebben liefst twaalf spelers van het huidige keurkorps te kennen gegeven zich ook komend seizoen in het shirt van de Good Old te zullen gaan hullen. De blijvers zijn: Nagesh Amatsaleh, Yoran Cats, Ashraf Hezam, Wilko van der Kooi, Djarni Leidelmeijer, Geertjan Liewes, Martijn van Maastrigt, keeper Robert Smit, Daniël Teune, Mark Versteegen, Jur Wardenier en Mats van der Weel.