dinsdag 25 mei 2021

Daar komt-ie dan alsnog:100 jaar Topsport in Stad

Vorig jaar lukte het niet vanwege de coronacrisis, maar over enkele weken - om precies te zijn op woensdag 16 juni -  gaat het dan toch gebeuren: de presentatie van mijn boek 100 jaar Topsport in Stad. Het is een canonachtig geschiedenisboek geworden, waarin alle hoogte- maar ook dieptepunten die er toe deden, de revue nog eens passeren en in boekvorm zijn vastgelegd. En ook nog eens rijk geïllustreerd. Het gaat over de periode van 1920, toen de georganiseerde sport in de stad Groningen stukje bij beetje op gang kwam, tot 2020, het jaar waarin de sportwereld schoksgewijs tot stilstand kwam vanwege de corona

En waarom ook 1920? Dat was het jaar van het landskampioenschap van Be Quick, Een unieke prestatie, die door geen enkele noordelijke club nadien is geëvenaard, laat staan overtroffen. De Good Old was in die jaren twintig zelfs enkele keren hofleverancier van het Nederlands elftal, onder meer met vier spelers in de basis in de destijds befaamde Derby der Lage Landen.

Maar uiteraard is er niet alleen gevoetbald in Groningen. De stad heeft een rijk geschakeerde sporthistorie opgebouwd, die het meer dan waard is om eens in boekvorm op te slaan. Grote en minder grote sporthelden zijn er voortgebracht, zelfs wereldsterren. Tevens is er een keur aan topevenementen gehost. Eveneens met mondiale toppers. Het was overigens niet alleen hosanna. Waar winnaars zijn, zijn immers ook verliezers.

Die feiten verdienen eeuwigheidswaarde en daarom ben ik aan dit boek begonnen. Ik heb er ruim zestig jaar zelf meegemaakt. waarvan verreweg het grootste deel beroepshalve als sportjournalist van het Nieuwsblad, anno 2002 Dagblad van het Noorden. Al in mijn prille jeugd ontlook mijn brede interesse voor sport. Zat ik, om maar eens wat te noemen, voor een dubbeltje op de tribune van De Papiermolen om lokale toppers als Piet ten Thije en de zusjes Lugthart te zien waterpoloën. Zette ik op de drafbaan in het Stadspark 1 gulden winnend op de legendarische Quicksilver S, om even later vol trots 1.10 uitbetaald te krijgen. En voetbalde ik op diezelfde drafbaan, toen nog Renbaan geheten, in het prachtige groenwitte shirt van Velocitas 1897.

Maar er gebeurde meer in het Stadspark, waar ik op twee steenworpen afstand - in de Berkelstraat - geboren en getogen ben. Veel meer zelfs. Er werd ook gehandbald, gekorfbald, geschaatst, gezwommen in de Grote Vijver, gewielrend (ook om die vijver), gehonkbald en geracet op grasbaanmotoren. En niet te vergeten aan atletiek gedaan. In deze groene oase, dat staat buiten kijf, ben ik geïnfecteerd met het sportvirus. Stel dat ik in de, pak hem beet, Concordiastraat in het Noorden van de stad was opgegroeid. Zou het dan met mij dezelfde kant zijn uitgegaan?

Hoe dan ook, ik heb mijn onvoorwaardelijke liefde voor de sportwereld als een prettige tik ervaren. Ook al omdat in de stad veel gebeurde op sportgebied. In honderd jaar zelfs zo veel dat ik genoodzaakt was onderwerpen te selecteren. Niet alles haalde de cut, om het eens in golftermen uit te drukken. Maar, al zeg ik het zelf, het is toch wel bijzonder boek geworden dat binnenkort in de boekwinkels komt te liggen. Het gaat niet alleen over succesvolle sporters en gedenkwaardige evenementen. Ook legt het een voortdurend sluimerende evolutie van de Groninger sportwereld bloot. Roemrijke clubs verdwenen in anonimiteit, of erger nog, gingen ter ziele. Grote sporten werden kleine sporten en andersom. 

Binnenkort hoort u er meer, als het persbericht de deur uitgaat. 

Op voorhand een kooptip derhalve voor sportliefhebbers met historische belangstelling, (ex)topsporters; erfgenamen van inmiddels niet meer in ons midden verkerende sporters en Stadjers die in de Ommelanden en zelfs in den vreemde zijn neergestreken. En voor de hedendaagse generatie sportliefhebbers een verrassend, soms zelfs onthullend en in elk geval informatieve blik op het sportieve verleden van de stad. Want ja, zonder verleden geen heden.    


   


donderdag 1 april 2021

Derde Helft

Wie eens wil lezen hoe Hans Nijland al die geslaagde en ook minder geslaagde transfers regelde namens FC Groningen, moet het boek Boerenbluf op de transfermarkt gaan kopen. Daarin geeft de voormalig algemeen directeur van de FC alleraardigste inkijkle in de handel en wandel met voetballers. Het is allemaal opgeschreven door Tom Knipping, bekend als onderzoeksjournalist bij Voetbal International. Knipping tekende op dat Nijland met veel branie en zelfvertrouwen in de slag ging met allerhande al of niet dubieuze zaakwaarnemers en clubfunctionarissen om in binnen- en buitenland veelal spannende transferzaken te doen. De Kropswolder leefde zich helemaal uit in het onderhandelen, een pad dat veelal bezaaid lag met voetangels en klemmen. In de loop der jaren had hij alles wel in het snotje en bracht hij jongens als Luis Suarez, Marcus Berg, Dusan Tadic en Filip Kostic naar de Euroborg, maar eerder ook Magno Mocelin, Raymond Atteveld en Pedro Kamata (een Ferrari op links) in het Oosterpark. Ook het verkopen leverde mooie verhalen op. Het boek is - onder meer bij de Bruna - te koop voor 22.99 euro.

Ook is de noordelijke sportboekenmarkt verrijkt met weer een product van Klaas Fleurke, die man die Veendam zo lief heeft. Hoewel deze cultclub in ons nationale profvoetbal alweer acht jaar geleden ter ziele ging, leeft SC (eerder BV) Veendam nog altijd voort bij de diehards. Zo werd er twee jaar geleden een heuse opera over Veendam opgevoerd op de Langeleegte en lanceerde Fleurke een jaar eerder zijn eerste Veendamboek, getiteld De Langeleegte huilt. Ook oud-journalist Willem Molema liet zich niet onbetuigd met twee lijvige boekwerken over de geelzwarte voetbaltrots van de Veenkoloniën. Op al die publicaties boordevol nostalgie werd dusdanig positief op gereageerd dat Fleurke aan de slag ging met een passend vervolg, waarin het accent ligt op de definitieve ondergang van de club. Achter de titel De Langeleegte huilt, zette hij een komma met de toevoeging waar het eens weer zal lachen. Wanneer en hoe, staat niet in het boek van Fleurke, maar misschien al wel in de sterren geschreven.

Theo Sikkema, op tal van terreinen in de media- en communicatiesector werkzaam, ziet een droom uitkomen. Hij zal binnenkort, ijs en corona dienende, als wielercommentator bij  Eurosport zijn te horen. Sikkema, momenteel vooral bekendheid genietend als pr-man van de volleybalclub Amysoft/Lycurgus, gaat dat doen onder de vlag Courage Events, het steeds meer furore makende wielerorganisatiebedrijf van Aduarder Thijs Rondhuis. Sikkema zal vanaf 1 juli, als de weer gekoerst mag worden volgen de verwachtingen, onder meer verslag doen van de aloude topklassiekers de Omloop der Kempen, de Ronde van Limburg en de Omloop van de Braakman. Mijn felicitaties. 

Geen Derde Helft tegenwoordig of er moet helaas ook triest nieuws worden gemeld. Zoals dit keer het overlijden van Joop Oldejans, ooit een spraakmakende voetbaltrainer. Zo was hij van 1975 tot 1980 trainer van de BV Veendam, nadat hij als jonge, ambitieuze coach indruk had gemaakt bij vooraanstaande amateurclubs als Achilles '94, Appingedam, Be Quick 1887 en Drachten. Dat leverde hem op de Langeleegte een job op als hoofd van de jeugdopleiding. Maar al snel werd hij als 36-jarige comingman van het trainersgilde gepromoveerd tot hoofdtrainer nadat Arie Stehouwer plotseling was opgestapt. In het boek Aan de Langeleegte van Veendam-historicus Jan Mulder wordt hij beschreven als een bikkelharde coach die spelers ongenadig hard kon aanpakken. Volgens de spelers waren zijn trainingen goed, maar was hij als coach tactisch zwak. Niettemin was hij vijf seizoenen werkzaam bij de geelzwarte cultclub. Zijn eerste jaar was het beste, een achtste plaats in de eerste divisie. De daarop volgende jaren waren beduidend minder en was Veendam vooral onderin het rechterrijtje te vinden. Oldejans' finest hour was de sensationele bekertriomf op Tweede Kerstdag 1977, toen Veendam op de Langeleegte Feyenoord uit het KNVB-bekertoernooi wipte. Joop Oldejans, die 19 juni 1938 in Gieten werd geboren, stond in zijn jeugdjaren te boek als een talentvolle voetballer. Hij bracht het als beginnend profje bij GVAV zelfs tot eenmalig jeugdinternational, waarbij Coen Moulijn één van zijn medespelers was.Tot ontbolstering kwam het niet als gevolg van veel blessureleed. Na drie meniscusoperaties moest hij al op 23-jarige leeftijd een punt zetten achter zijn actieve voetbalcarrière.

GRC Groningen heeft afscheid moeten nemen van een niet-voetballend clubicoon, Truus Visser. Zij was het jarenlange gezicht van de GRC in het clubhuis, waar zij zich ontpopte als een bijzonder aimabele gastvrouw. Samen met haar ook al overleden echtgenoot Kor, die een imposante carrière in het eerste elftal op zijn naam heeft staan, vormden ze een fraai boegbeeld voor de club op Corpus den Hoorn. De dood Truus Visser, die 75 jaar is geworden, inspireerde stadsdichter E. Filippus tot dit eerbetoon:


TRUUS

Ze was alsmaar in de weer
en gedroeg zich als een heer
niets was haar te mal
al wou je ook een galabal
een patatje met
of een GRC-kroket
ranja met een rietje
met het allernieuwste liedje
of soep van de dag
je kreeg het met een glimlach
supporters met een lege maag
zagen haar dan ook graag
en stonden geduldig zij aan zij
voor La Kantineuse in de rij


Ter afsluiting enige persoonlijke eer in mijn richting, geïnitieerd door voormalig topschaatster Daniëlle Bekkering en gezondheidsgoeroe Daan Bultje, promotors van Healthy Aeging, een organisatie die de mensheid stimuleert gezond oud te worden door veel te bewegen. Op wat voor manier dan ook. Zo is er voor de maand april Dick Heuvelman Challenge op poten gezet. Daniëlle in een persbericht: "Met zijn 75 jaar loopt Dick minimaal 10.000 stappen per dag. En dat doet hij al sinds zijn zeventigste. Voor ons een reden dat met een met een challenge te belonen. We nodigen iedereen uit deze uitdaging aan te gaan." Hoe mee te doen? Nou, download de WeFitter-app, koppel de stappenteller, activeer challenge en vul vervolgens de companycode HANNN in - meergezondejaren.nl/dick-heuvelman

O ja, er zijn mooie prijzen te winnen. Dus, wat let U?



maandag 1 maart 2021

Derde Helft (407)

Mooi nieuws voor de Groninger voetballiefhebbers. Er is iets nieuws gelanceerd en wel Voetbal Groningen Magazine. Het is het broertje van Voetbal Friesland Magazine, dat inmiddels met succes een plaatsje in de Friese voetbalwereld heeft gekregen. Het kersverse magazine richt zich vooral op de rijke historie en de cultuur van het voetbal in Stad en Ommeland. De gangmakers van dit project zijn Jos Miedema en Jelle Teitsma. Laatstgenoemde geniet in deze contreien nog enige bekendheid als oud-spits van ACV Assen en later Groen Geel, de cultclub 2.0 van de stad. Het eerste exemplaar is inmiddels van de pers gekomen en er wordt onder meer afgetrapt met Hans Nijland, in de vorm van een diepte-interview. Ook heeft aloude columnist een bijdrage (met een boodschap) geleverd. Ook digitaal is Voetbal Groningen Magazine zijn te lezen. En wel tien keer per jaar. We wensen deze aanwinst op de sportieve mediamarkt veel succes en de toekomstige clientèle veel leesgenot.

Ongetwijfeld zal ook GVAV Rapiditas in aanmerking komen voor een verhaal. Immers, de historie van deze club is rijk en uniek. Het is de club die in 1956 de stad Groningen eredivisievoetbal bezorgde met voetbalegendes als trainer Otto Bonsema, keeper Otto Roffel, Klaas Buist, Siep Benninga, Johnny de Grooth, Piet(je) de Koe en Rikkert La Crois. Maar ook de atletiektak (Rapiditas) bracht tal van coryfeeën op, zoals de Smitten (Hans, Jaap en Wim), Fred van Herpen, Henk Kalf, Sjouk Tel en Henk Evers. Deze succesvolle fusieclub werd 26 januari jongstleden 100 jaar. Alle reden voor een bruisend eeuwfeest, ware het niet dat een onzichtbare duivel, Corona genaamd, hier een stokje voor stak. Maar wat in dit jubileumvat zit, verzuurt in dit geval niet, laat het bestuur ons van de website weten. Een tip derhalve voor de redactie van Voetbal Groningen.

Wie kent hem nog, Sjors Beukeboom? Ooit als junior-verslaggever op pad voor het Dagblad van het Noorden en ook een aardig wielrennertje in de dop. Vooral bergop school er talent in het jochie uit Paterswolde. Maar tot een professioneel coureur heeft hij het niet gebracht. Desondanks heeft Beukeboom beroepsmatig toch zijn entree kunnen maken in wielerwereld. De Potjewolder, die tegenwoordig in de Noord-Spaande 'wielerstad' Girona zijn huisadres heeft, staat op de loonlijst van de ploeg Israel Start-Up Nation, dat in viervoudig Tourwinnaar Chris Froome haar meest opzienbarende uithangbord heeft. Sjors Beukeboom moet ervoor zorgen dat deze World Tour-formatie de nodige exposure krijgt. Hij is er aangesteld als public relations-officer. Zo was hij afgelopen week drukdoende in de UAE Tour in de Verenigde Arabische Emiraten. "Dat is het mooie van dit werk, je komt nog eens ergens."

Beukeboom is niet de enige noorderling die in het kader van een wielerorganisatie actief is. Ook Sven Jonker, de oud-korfballer van DOS '46, verdient zijn geld in het cyclisme. Hij is in 2017 begonnen als pr-man van Astana, de blauwe brigade die op Kazachstaans kapitaal is gebouwd en in oud-Olympische kampioen Alexander Vinokourov haar technisch directeur heeft. Afgelopen winter kreeg Jonker echter het aanbod om algemeen directeur te worden van het Nederlandse SEG Racing, dat naam maakt als opleidingsploeg. Jonker: "Ik ben erg enthousiast over dit nieuwe hoofdstuk in mijn carrière in het sportmanagement. Ik kijk er naar uit  samen te werken met de staf die de ervaring heeft beloften op te leiden voor het hoogste niveau in deze prachtige sport."

Bauke Mollema heeft zijn sporen in dit métier inmiddels ruimschoots verdiend. De Groninger behoort tot het puikje wereldtoppers in het peloton dank zijn triomfen in de Tour de France, de Clasica San Sebastian en de Ronde van Lombardije. Nu de wereld vanwege corona in een langdurige dip is verzeild geraakr, leek het Bauke een goed idee om ons vanuit Monaco een hart onder de riem te steken met een motivatiegeschrift. Enkele citaten hieruit:

"Mijn droom is werkelijkheid geworden, en die leef ik nu. Inmiddels heb ik de Tour tien keer gereden. En wedstrijden gewonnen. Je moet talent hebben, maar er ook iets mee doen. Iedere dag weer. De brug over het Aduarder Diep, die nu de Mollema Bult wordt genoemd, was voor mij een col die ik steeds sneller wilde nemen. Doorzettingsvermogen. Met een duidelijk doel een plan en kun je heel veel bereiken."

Citaat 2: "Ik heb als kind altijd veel gesport, ik had beweging echt nodig. Moest mijn energie kwijt. Gelukkig was ons gezin heel sportief en was het 'normaal'. Ik weet dus hoe belangrijk het is om te sporten, te sporten en soswieso gezond te zijn. Ik wil ook nog enkele jaren doorgaan en ben nog nooit zo fit geweest."

Citaat 3: "Ik woon nu met mijn gezin in Monaco. Vijf jaar geleden vielen we daar echt op als we met de kinderen op de fiets rondreden. Nu zie je het steeds meer. Op verschillende locaties staan publieke elektrische fietsen, die je kunt meepakken na aanmelding via een app. Belangrijk voor het milieu. Daar zet ik me daar ook graag voor in, voor de toekomst van onze kinderen."

De gehele tekst van Bauke Mollema in te vinden op zijn twitteraccount en website.

Inmiddels heeft Bauke ook in de praktijk deze mentalspeech nog eventjes extra kracht bijgezet door de eerste Italiaanse klassieker te winnen, de Trofeo Laigueglia, een koers door de streek van de Ligurische kust. Mollema reed in de finale alleen weg en bereikte met 37 seconden voorsprong de finish. De Colombiaanse klimmer Egan Bernal werd tweede en de Belg Mari Vansevenant derde. Het was al de tweede seizoenzege van Mollema, die vorige maand ook al een etappe in de Tour de Var op zijn naam bracht.

Jammer dat Bé Jansema Mollema's tekst niet meer kon lezen, deze oud-wielrenner zou deze boodschap van harte onderstrepen. Bé is ons echter op 14 februari ontvallen in Maspalomas op Gran Canaria. Hij is 78 jaar geworden. Net als Bauke Mollema was ook Bé Jansema, geboren en getogen aan de Hoofdweg 133 in Wagenborgen, een noordelijke wielertopper. Dat was in de jaren zestig van de vorige eeuw, toen hij de legendarische Drentse Melkploeg als ook de zwarte brigade van RIH-Fongers, veel jubelende publiciteit bezorgdeOok Jansema was gelijk Mollema geen stylist met natuurlijk talent, maar meer Vlaamse stoemper. In die hoedanigheid kon hij zijn levensmotto goed kwijt: Altijd doorzetten, ook bij storm en tegenwind, zoals boven zijn overlijdensadvertentie stond. Waar Mollema een succesvolle overstap naar de profs maakte, hield de amateur Jansema het fietsen om het hardst na ruim vijftig overwinningen voor gezien. Hij leek hem verstandiger zich te richten op een maatschappelijke carrière. Net als Mollema is hem dat goed gelukt, met burgemeestersposten in plaatsen als Coevorden, Harlingen, Rossum en Heerewaarden.   

   De wielrenner Bé Jansema, gehurkt tweede van links, tijdens de presentatie van de RIH-Fongers[loeg in 1965. Links naast hem ploegleider Aldert Brander en rechts van hem Jan Bols (tevens schaatstopper) en Wiebe Boonstra. Staande vlnr Piet Schreur (de locomotief van Wolvega), Roel Hendriks (de fietsende onderwijzer). Nico Been (destijds koffieshopouder in hartje Groningen), Henk Hoekstra (de flits van Ureterp) en Jan Koster.    


   

maandag 25 januari 2021

Derde Helft (406)

Met het recente overlijden van Rikkert La Crois (de door mij geschreven necrologie staat op de site van Sport in Stad) is van het GVAV-elftal dat in 1956 Groningen eredivisievoetbal bezorgde nu alleen Otto Roffel nog in leven. De lange, legendarische doelman met zijn dienstbrilletje, legerpet en witte trui heeft inmiddels de gezegende leeftijd van 93 jaar bereikt. Rikkert kwam tot 87 levensjaren. Het is goed om alle helden van toen nog even in deze rubriek voor het voetlicht te brengen. Dat waren naast Roffel en La Crois de volgende Groningers: Abel Alting, Klaas Buist, Siep Benninga, Jan Jeltema, Cor Hoekstra, Henk Drewes, Piet(je) de Koe, Jaap van Oosten, Johnny de Grooth, Rem Been, Ali Kruger, Eddie Bakker, Joop Koops, Henk Meulen, Henk Medema sr., Heiko Wolda, Jan de Maar en Ale Westra. Met als trainer Otto Bonsema.

De uitvaart van Rikkert La Crois werd afgesloten met een lang, door hem zelf - in 2007 - geschreven levensgedicht. Enkele passages daaruit:

Oosterpark. Het doet mij nog steeds deugd.

Als een rode draad liep het door heel mijn jeugd

Oosterpark, een naam die je direct met het stadion verbindt

Het stadion, voor eeuwig door mij bemind

Om daar met G.V.A.V. te mogen spelen was altijd een feest

Door bijna alle tegenstanders werden wij gevreesd

Oosterpark, toch veel meer dan alleen maar voetbal

Praat met de mensen en je hoort het overal

De wijk loopt over van vriendelijkheid

Dat was al zo vanaf mijn kindertijd

Velen zullen het nu voor het eerst horen

Want ik ben inderdaad in de Irislaan geboren

Daar werden de straten benoemd naar bloemen

En dus mag ik mij een echte Oosterparker noemen

Ook kraakte hij, terugblikkend op zijn voetballoopbaan, in dichtvorm ook nog even een kritische noot. Dat ging zo:

Het werd een lange carrière, ik had veel succes

Maar dat succes ook vergankelijk is, is een wijze les

Toen ik met de eeuwwisseling bij Fc Groningen las

Dat ik topscorer van de eeuw geworden was

Had ik toch wel een uitnodiging verwacht

Maar misschien heb ik even te simpel gedacht.

Er is nog een eminente GVAV'er overleden, maar dan een bestuurlijk icoon. Want dat was Harry D. Weitering zonder meer. Hij heeft zich in tal van bestuurlijke functies ingezet voor de blauwwitte club. Jarenlang was hij het (vriendelijke) gezicht van de Vereniging van Vrienden van GVAV Rapiditas, waar veel senior- en oud-leden regelmatig hun in de club opgedane contacten blijven onderhouden. Ook buiten GVAV droeg 'HDW' zijn organisatorische steentjes bij in de noordelijke sportwereld. Zo was hij bestuurslid van Eurovoetbal, hielp hij bij het EDR (Eems Dollard Regio) jeugstoernooi in Gasselte als ook het EDR-Hallenturnier in Leer en was hij ook regelmatig te vinden op het nationaal sportcentrum Papendal. Na de dood van zijn geliefde Ans vond Harry Weitering in Duitsland nieuw levensgeluk met een nieuwe levenspartner, Renate. Met haar verbleef hij de laatste jaren voornamelijk in Spremberg, een dorp in de buurt van Cottbus. Daar is hij op tachtigjarige leeftijd overleden na een jarenlange strijd tegen de alom gevreesde ziekte, die kanker heet. 

Het zou een vraag voor een pubquiz kunnen zijn: op welk Nederlands eiland vond ooit een professionele wielerkoers plaats? Het goede antwoord moet dan zijn Schiermonnikoog, dit jaar precies vijftig jaar geleden. Het was een hele happening, weet ik uit eigen ervaring. Ik was er namelijk bij. Wereldtoppers als Jan Janssen (de Tourwinnaar van 1968), Leo Duyndam en de Belgische stayer Theo Verschueren lieten zich op Lauwersoog exclusief inschepen voor een een rondje om de kerk aan de Langestreek. Volkskrantverslaggever Jurre van den Berg heeft er deze maand voor wielertijdschrift De Muur een prachtig retroverhaal over geschreven. En daarin sprak hij ook zijn hartewens wens op een reprise uit. Met een fietsminnende Groen Links-burgemeester als Ineke van Gent zou dat moeten kunnen. Mocht een profkoers te duur zijn, het noordelijke wielerpeloton met kleppers als Peter Merx, Harthijs de Vries en Tijmen Eising staan al klaar voor een oversteek, Het zou ook een mooi eerbetoon zijn aan de inmiddels overleden gebroeders Laurens en Jan Berend (JB) Bazuin, de eilanders die de door Theo Verschueren gewonnen Ronde van Schiermonnikoog op poten hebben gezet.

Krijgen we in Groningen dit jaar nog dravers te zien op de alom geroemde piste in het Stadspark? Dat is nog maar de vraag, hoewel de gemeente Groningen tot medio dit jaar de Koninklijke Harddraverij- en Renvereniging uitstel van 'wegwezen daar' heeft gegeven.  Dan gaat de eerste schop in voor de ombouw tot festivallocatie. Er zouden derhalve nog enkele koersdagen kunnen worden ingevuld, ware het niet dat de kas van de Koninklijke inmiddels schoonleeg is. Dit als gevolg van de coronacrisis waardoor er geen publieke inkomsten gegenereerd konden worden, terwijl ook de sponsoring in het slop is geraakt. Er is 25.000 euro nodig om nog enkele draverijen te kunnen organiseren. De vereniging hoopt dat bedrag nu via crowdfunding bij elkaar te krijgen. Het zou een mooi en passend eerbetoon zijn voor één van de oudste sportclubs van de stad (anno 1886) zijn als dat lukt. De club die een grote bijdrage heeft geleverd aan de sporthistorie van de stad Groningen, verdient dat trouwens ook. 

Voor meer info zie www.drafbaangroningen.nl

Tot slot dit. Attentie, attentie Ludy Bultena, nieuwbakken voorzitter van de vereniging Noorder Rondritten. Het schijnt dat het stevig gaat vriezen. Maak alvast maar een bubbel voor de heren marathonschaaters in Winsum. 



maandag 19 oktober 2020

Derde helft (406)

 

Afgelopen zomer, om precies te zijn op 6 juni, was het exact 100 jaar geleden dat voetbalclub Be Quick landskampioen van Nederland werd. Een verjaardag die het waard was op passende wijze luister bij te zetten. Want ja, het is een unieke prestatie gebleken. Geen club in het Noorden die dit heeft kunnen evenaren, laat staan overtreffen. Sterker nog, het lijkt er - gezien alle ontwikkelingen - in de verste verte niet op dat dat ooit nog eens zal gebeuren.

Hoewel..... zeg nooit NOOIT in de sport.

Hoe dan ook, voor mij was deze buitengewone landstitel zo'n jaar of vijf geleden al het startpunt om de Groninger sportgeschiedenis eens op schrift te gaan stellen en in boekvorm te gaan publiceren. Hoe heeft de sport zich anno 1920 ontwikkeld in de stad? Hoe is het diverse clubs vergaan? Wat is hier allemaal op sportgebied gebeurd? Welke sporters waren visitekaartjes voor de stad en wat voor evenementen zijn hier zoal georganiseerd?

Zo'n geschiedenisboek is er niet en dat is een lacune die hoognodig moet worden ingevuld. Geen heden zonder verleden. En ja, de stadse sport heeft in de loop der jaren zoveel beklijvende verhalen opgeleverd dat ze het waard zijn voor de eeuwigheid vast te leggen. Als vertegenwoordiger van een generatie die aan het uitsterven is, heb ik gemeend dit momentum te moeten pakken. Ook al omdat ik zo'n dik 60 jaar getuige van ben geweest. Ik heb ten faveure van het leesgenot voor een bondige, canonachtige aanpak gekozen. Royaal geïllustreerd ook.

Het boek is klaar, had op 5 juni in het Groninger Forum op feestelijke wijze gepresenteerd moeten worden. Jawel, ter herinnering aan dat unieke landskampioenschap van Be Quick. Het is er echter niet van gekomen. Covid-19, ofwel de coronacrisis, maakte dat onmogelijk. De verplaatsing naar 20 november j.l. bracht ook geen soelaas. Andermaal moest de boel gecanceld worden.

Nou hoor ik menigeen al zeggen: Je kunt dat boek toch ook wel zonder poespas in de markt zetten?

Zeker kan dat. Maar er zitten aan de geplande presentatie aantrekkelijke complicaties vast. Niet alleen voor mij, maar ook voor het Forum, de uitgever van het boek (Scholma Print & Media) en zeker ook de sportliefhebbers in Stad en Ommeland. De leiding van het Groninger Forum heeft namelijk de wens uitgesproken de presentatie van het boek te willen omlijsten met een bijzondere sportmanifestatie. Ik ga nu niet verklappen hoe en wat precies (dat is aan het Forum), maar ik kan u wel zeggen dat de Groninger sportwereld daarmee op een fraaie wijze in de schijnwerpers wordt gezet. En daar wil men ook publiek bij hebben. Bij sport hoort nu eenmaal sfeer. Dat ervaren we momenteel dagelijks, nu de sportarena's voor publiek zijn gesloten. Dan gaat er een hoop sjeu verloren.

Vandaar dat we in gezamenlijk overleg - ook de uitgever heeft die wens uitgesproken - besloten voor nog een periode van uitstel. Maar u kunt de nieuwe datum al wel noteren in uw agenda's: 3 juni 2021. Met een jaar vertraging dus. Dat is het begin van de dit jaar ook al uitgestelde sportzomer: EK voetbal, Tour de France en Olympische Spelen. We hopen dat het Forum dan weer volledig is geopend en dat er ook weer getoast kan worden, zowel op het boek als op de dingen er omheen. Nog even geduld dus. 

Lukt het dan nóg niet op de wijze zoals we dat hebben voorgenomen, dan wordt het boek zonder franje in de verkoop gebracht.

't Is nait aans.




dinsdag 22 september 2020

 

Derde Helft (406)


Geen vergadering van de scheidsrechtersvereniging Groningen en Omstreken of er worden onderscheidingen uitgereikt. Dus ook maandagavond 21 september 2020 in de statige Coendersborg. De hoogste eer ging dit keer naar voorzitter Robert van Dorst zelve, die afscheid nam met een koninklijk lintje. De Eeldenaar werd op voorspraak van ZKH Willem Alexander door burgemeester Marcel Thijssen van Tynaarlo uitgeroepen met het Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Robert van Dorst werd in 1990 bestuurslid en in 1994 voorzitter. Onder zijn leiding groeide de vereniging tegen de landelijke ontwikkelingen in naar ruim 200 leden, onder wie veel jonge, nieuwe scheidsrechters. De vereniging wordt landelijk als voorbeeld gezien.

Marco Oosting uit Niekerk nam na de plechtigheid de voorzittershamer over van Robert van Dorst, die overigens ook nog werd benoemd tot erelid. Daarnaast traden eveneens de jonge scheidsrechters Meine Groefsema en Jan-Willem Bouw, beiden uit de stad Groningen, toe tot het bestuur. Ook was er eerbetoon voor Jacques d'Ancona (65 jaar lid), Henk Krans (50 jaar lid en nog steeds actief scheidsrechter) en Klaas Smith. Laatstgenoemde kreeg de gouden speld van COVS Nederland voor zijn verdiensten op gebied van spelregels.

In Middelstum herleven oude tafeltennistijden, waarin zelfs de nationale titel werd behaald door Anker Stars. Dat feest was in 1999. Daarna zakte de club van de gebroeders Jan en Anne Vlieg langzaam weg in de anonimiteit. Het dorp heeft de schouders echter weer onder haar sportieve trots gezet en dat leidde tot een rentree in de eredivisie. Dat gebeurde, dank zij de hulp van vele trouwe vrijwillgers, in een grotendeels gerenoveerde tafeltennisarena. Oud-speler Jan Tammenga kreeg de technische touwtjes in handen en hij heeft een team gesmeed dat in staat moet worden geacht zich te handhaven op het hoogste Nederlandse podium. De ouverture, met de Wateringse Salamanders als tegenstander, leverde een 3-3 gelijkspel op. De wedstrijden van Klimaatstars zijn in deze coronatijd te volgens een live-stream. Deze is te vinden op: https://www.twitch.tv/klimaatgroepstars

Hoewel zijn achternaam (Merx) een illustere klank heeft, hij ook een prachtige bijnaam heeft (de Kolibri van Warfhuizen) en eveneens hard kan fietsen, heeft Peter Merx niet de ambitie om ooit de Tour de France op zijn naam te schrijven. Maar deze Merx is dan ook een oprechte amateur die puur voor zijn plezier op de racefiets zit. Zijn doelen liggen veelal in de rondjes om kerk en kroeg. Dat gaat hem goed af, maar het winnen van de Ronde van Usquert, met de Bult als scherprechter, heeft hij nog niet op zijn bucketlijst kunnen wegstrepen. Dit keer kon hij zich niet eens melden aan het vertrek omdat tijdens een trainingsritje werd aangereden door een onoplettende automobilist. Aan die botsing hield hij een hersenschudding over en is voorlopig tot volledige rust gemaand. Einde van een door covid-19 toch al gebroken seizoen.

Stadsdichter Filippus, alter ego van Evert Meijer, meldde mij het overlijden oud-voetballer Gradus Fransen. De oom van de in 2015 overleden oud-international Piet Fransen bereikte de eerbiedwaardige leeftijd van 92 jaar. Meijer: "Toch kwam zijn dood voor mij totaal onverwacht, want ik kwam hem nog regelmatig tegen in de stad. En altijd in een opgewekte bui." Gradus Fransen was een echte Oosterparker, heeft nog met Oosterparkers betaald voetbal gespeeld. Later werd hij een soort talisman van de studentenclub Forward. Daar werd hij op handen gedragen.

Er is nog een oudgediende uit de noordelijke sportwereld gaan hemelen en wel Fré Bos. De Assenaaar bracht het tot 88 levensjaren. Geboren in Nieuw Buinen (1932) groeide hij uit tot een succesvol wielrenner in deze contreien. Op zijn palmares staan 36 zeges, met als blikvanger de noordelijke titel in 1957. Later ontpopte Bos zich als een markant ploegleider en trainer van met name veldrijders. Zo bracht hij Martin Hendriks naar de nationale crosstop. Als ploegleider maakte hij naam bij de Drentse Melkploeg, Ketting Didam en de spraakmakende formatie van juwelier Klaas Oosterhof. Dat leidde er toe dat de KNWU hem regelmatig op (het internationale) pad stuurde met amateurtalenten als Joop Zoetemelk, Gerrie Knetemann, Jan Raas, Cees Priem, Fedor den Hertog, de gebroeders Jans en Wicher Vlot, Jan Aling en Popke Oosterhof. Met dusdanige successen dat hij zichzelf bestempelde als de Michels van het wielrennen. Eén van zijn vroegere pupillen, NOS-wieler- en schaatscommentator Herbert Dijkstra, vatte Bos' wielerleven eens als volgt samen: "Fré Bos kende iedereen en iedereen kende Fré Bos. Tot premier Van Agt aan toe."

Tot slot nog even een nieuwtje uit eigen huis. Op vrijdag 20 november wordt mijn boek 100 jaar Topsport in Stad gepresenteerd in het Groninger Forum. Het geeft een canonachtig beeld van de ontwikkeling van de Groninger sportwereld, te beginnen van het landskampioenschap van Be Quick in 1920 tot en met de terugkeer van Arjen Robben naar FC Groningen (2020). Later meer.

dinsdag 7 juli 2020

Derde Helft (404)


Terwijl Ron Jans zich afgelopen vrijdag ontspannend pratend aan een statafel opmaakte voor een speciale podcast over het noordelijke amateurvoetbal van het jubilerende VAKO (90), stonden er opeens drie noordelijke supporters supporters van FC Twente voor zijn neus. Ze waren niet met lege handen naar sportpark Fiellietzaz Goethart gekomen. Wat heet: met twee man sterk, vader en zoon Edmond enTijn Varwijk, kwamen ze met een krentenwegge van bijna twee meter aan komen lopen, terwijl de delegatieleider, Bert Westerink, er ook nog een boek van eigen makelij - getiteld Onnodig en onmeunig - bij leverde. Een welkomsgeschenk.

Bert Westerink, zult u zeggen.......? Kennen wij die hier in deze regio niet ergens van? Zeker wel, deze Bert Westerink is tien jaar lang wethouder van onder meer sportzaken geweest in de stad Groningen en later diende hij in deze functie ook havenstad Delfzijl en Winsum. In die tijd was hij regelmatig te vinden in eerst het Oosterpark en later de Euroborg, maar zijn waren hart, bleek enkele karen geleden, ligt toch bij FC Twente. Toen deze club in finacieel hoge nood raakre en als gevolg daarvan degradeerde naar de Keukenkampioendivisie, sloot hij zich als geboren (1957) Enschedeër weer aan bij het rode Tukkerslegioen. Westerink nam als zestigplusser niet alleen een seizoenkaart, maar ging dat jaar van slechte tijden ook mee naar alle uitwedstrijden van Twente. En de bevindingen van deze supportersreizen (hij woont nog altijd in Groningen) heeft hij in een paperback opgeschreven. En Westerink, die nu genomineerd is voor het wethouderschap in de gemeente Smallingerland, weet het zeker; met Ron Jans op de technische bok gaat zijn club weer gloriëren.

In deze podcast, waarin ook schrijver dezes en presentator/sterspeler Patrick Steenbergen van de partij waren, pleitte RTV Drenthe's sportredacteur Niels Dijkhuizen voor weekendvoetbal die de scheiding tussen zaterdag- en zondagvoetbal eindelijk eens moet slechten. De clubs kunnen dan in zijn optiek in onderling overleg besluiten op wat voor dag er gespeeld wordt: de zaterdag, de zondag of desnoods de vrijdagavond. Hij kreeg in elk al geval steun van de leden van het forum.

De superverloting - met als hoofdprijs een bungalow op Lauwersoog - die de Groninger en Drentse jeugdsport aantrekkelijke financiele mogelijkheden kan bieden, wordt momenteel met nogal wat vrijwilligers in de steigers gezet. Het plan is dat de verkoop van de 100.000 loten begin augustus van stapel gaat lopen. Dat vergt een stevige organisatie en om die in goede banen te lopen heeft de initiërende stichting, de John Schokker Foundation, een opvallende statfunctionaris aangetrokken in de persoon van Bas Kammenga. Jawel, de man die onlangs door het in financiële problemen verkerende FC Groningen werd ontslagen als communicatiemedewerker. Kammenga, ook voorzitter van de supportersvereniging van Donar, staat bekend als een iemand die zaken goed kan aansturen en er een nauwgezette werkethiek op na houdt.
Ook een andere bij FC Groningen ontslagen werknemer, voormalig commercieel directeur Robbert Klaver, heeft inmiddels zijn medewerking aan dit ambitieuze project toegezegd. Hij doet dit vanuit zijn nieuwe businessclubfunctie bij de Asser zaterdagclub ACV.

Met een spetterend bruilofsfeest is het huwelijk van Symen Bosma, sinds jaar en dag een gewaardeerd freelancejournalist bij onder meer het Dagblad van het Noorden, en Irma Beukema ingewijd. De festiviteiten op het idyllische landgoed Lemferdinge in Eelde-Paterswolde werden weliswaar door een zich God noemende Pluvius overgoten met grote hoeveelheden regendruppels, maar dat mocht de pret niet drukken. De gasten werden op een gevarieerd programma getracteerd, mede dankzij collega William Pomp (ook Dagblad van het Noorden), die ook als ceremoniemeester naam en faam heeft opgebouwd. Het kersvere echtpaar Bosma-Beukema is overigens al enkele jaren een liefdeskoppel. Dat resulteerde ruim twee jaar geleden in de geboorte van dochter Josephine. We wensen hen nog vele mooie jaren in goede harmonie en vooral gezondheid toe.

Helaas moet ik weer eens besluiten met een triest bericht, het plotselinge overlijden van Dré Woest. Zijn naam zal de jonge lezers niets zeggen, maar Drewe Cornelis Woest, zoals hij bij de burgelijke stand stond ingeschreven, was in zijn jonge jaren een buitengewoon getalenteerde voetballer. Hij werd in de jaren vijftig van de vorige eeuw groot bij GVAV, dat toen nog betaald voetbal speelde.

Dré was - vooral qua techniek - zo goed dat hij werd uitverkoren voor het (toen nog) enige Nederlands jeugdfelftal, waarin talenten van 16 tot 18 jaar speelden. Ploeggenoten van hem waren onder meer Daan Schrijvers, die via NAC en DWS het Grote Oranje bereikte, en ook keeperslegende Tonny van Leeuwen, die toen nog bij Sparta in het doel stond, maar later bij GVAV A-international werd. Ook Dré Woest leek voorbestemd voor dit internationale werk, maar daar is het nooit van gekomen. Toen het volgens vader Woest te lang duurde dat hij van trainer Otto Bonsema zijn  kunsten mocht vertonen bij GVAV 1 in de eredivisie, bracht hij zijn zoon naar Be Quick, destijds spelend in de eerste divisie.

Dat bleek een foute keuze. Weliswaar speelde Woest op de Esserberg, samen met andere talenten als Johan Wieringa, Herman Mengerink en Gerard Oosterloo, best goede wedstrijden, maar de verwachte progressie bleef uit. Dré onthulde recentelijk via Facebookcontact met mij dat hij gewoon op zijn kans had moeten wachten bij GVAV. "Maar ja, mijn vader bemoeide zich nadrukkelijk met mij en als kind had je toen nog weinig te vertellen. Dat zou in deze tijd heel anders zijn gegaan." Weliswaar werd de sierlijke binnenspeler nog gekocht door Heerenveen, waar hij eveneens van waarde was, maar dat speelde toen nog in de tweede divisie. Ook heeft hij bij Velocitas, dat net teruggekeerd was naar de amateurs, nog tal van doelpunten gemaakt.
Hoewel Dré Woest nog volop in het leven stond, kwam daar op zondag 28 juni een abrupt einde aan. Een hartstilstand in zijn Hoogezandster huis werd hem op 78-jarige leeftijd fataal.
Ook een icoon van FC Groningen heeft afscheid van het leven moeten nemen. Hij, Rob de Groot, op 76-jarige leeftijd. Robs verdiensten lagen niet in de Euroborg, maar op Corponello, daar waar de jeugdopleiding van de FC is gevestigd. Hij was er liefst 25 jaar gastheer, tot medio 2017. Samen met zijn vrouw Aukje stond hij garant voor aangename ontvangsten van de gasten op het sportpark in Corpus den Hoorn. De vertegenwoordigers die met hun clubs naar Groningen reisden om tegen een FC-team te spelen, werden door Rob en Aukje overgoten met klassieke gastvrijheid. Dientsdoende scheidsrechters kregen standaard een presentje mee naar huis. Het zat in hun horecabloed. Rob was de zoon van de exploitant van de vroegere concertzaal Apollo aan de Hereweg, waar alle groten uit de Nederlandse kleinkunst wel eens optreden bij bruiloften en partijen. Toen Aukje kennis aan hem kreeg, sloeg dit horecavirus ook op haar over.
Overigens had Rob de Groot niet alleen veel verdiensten voor FC Groningen, ook in de wereld der scheidsrechters - toevallig ook op Corpus zetelend - was hij actief. Hij floot in het amateurvoetbal, was jarenlang ook grensrechter bij Eurovoetbal en deed eveneens allerhande commissiewerkzaamheden voor de scheidsrechtersvereniging Groningen en Omstreken.